Sluisvaren en haar op de tanden

(door José Groen)

Jaren geleden kochten we ons eerste kajuitjachtje... op Vlieland. Het was een achtstehands bootje, 7,5 meter lang en we waren de koning te rijk. We hadden onze Randmeer classic, zeilnr. 400 rond, ingeruild voor deze Aldebaran. Ooit in Lemmer gebouwd, Met onze Randmeer hadden we jarenlang het Gaastmeer en wijde omtrek in Friesland 'onveilig' gemaakt en we hadden er goede banden opgebouwd met de schipper van een Skûtsje, die ieder jaar hoge ogen gooide bij de wedstrijden van de IFKS (Iepen Fryske Kampioenskippen Skûtsjesilen). Daarbij geholpen door een bemanning die voor het grootste deel bestond uit de gasten op de watersportcamping waar wij ook stonden. Wij behoorden uiteraard tot de trouwe supporters. En twee dagen nadat wij onze Aldebaran over het Wad via Workum naar Gaastmeer hadden gezeild, gooiden we de trossen los om als 'groupies' mee te varen met ons Skûtsje. 

Nou moet ik er even bij vertellen dat mijn lieve echtgenoot absoluut geen zeiler is en was... maar wel een groot fan van het 'hurt silen' van de IFKS. Hij stapte dus over zijn bezwaren heen en monsterde aan als (on)bruikbaar bemanningslid. Met meer lef dan wijsheid en kennis van zaken stortte ik me als nieuwbakken schipper tussen het IFKS-geweld. Wat dat precies inhield merkten we al gauw. Je bent onderdeel van een rondtrekkend circus bestaande uit wedstrijdskûtsjes met een soort slagroomkloppertje als voortstuwing (want iedere kilo is er weer één), die dus vaak langszij een schip met een stevige motor van de ene startplek naar de andere werden gesleept. Daar tussendoor vaart van alles: grote takelschepen die hun stutten in de blubber zetten van een Fries meer teneinde omgewaaide wedstrijdskûtsjes weer razendsnel overeind te sjorren; tjalken in alle soorten en maten, grote en kleine motorboten en zeiljachten en de nodige rondvaartboten met dagjesmensen. Het circus trekt in een week tijd van Stavoren via Hindeloopen naar het Heegermeer en vandaar via Sloten en het Tjeukemeer naar Lemmer.

De truc als 'groupie' is om, zodra de karavaan voor dag en dauw losgooit op weg naar de volgende wedstrijdlocatie, je er tussen te wringen om een ligplaatsje te bemachtigen in de volgende sloot, aan een eiland of in een jachthaven. Ben je te laat, dan kun je het schudden en is je kans om de wedstrijd vanaf je schip te volgen zo goed als verkeken. Ik stortte mij dus iedere vroege ochtend als kersverse schipper tussen dit geweld en voelde met de dag de haren op mijn tanden groeien. Met in mijn nek de rondvaartboot die boven me uit torende en voor me een skûtsje met bemanning die collectief met het verkeerde been uit bed was gestapt vanwege de slechte resultaten, werkte ik me 'vrouw'moedig door de sloten van Friesland. 

En toen kwam de sluis bij Lemmer... de kleine sluis wel te verstaan. Midden in het centrum, onder toeziend oog van honderden dagjesmensen die uit waren op vertier. Nou, dat kregen ze!

Het was mijn eerste sluis als schipper van een kajuitjacht, want de vorige eigenaar van onze boot was zo vriendelijk geweest ons vanaf Vlieland weg te brengen tot voorbij de sluizen van Kornwerd. En mijn bemanning bestond uit... jawel, mijn lieve echtgenoot. Ik besloot in de kom van Lemmer even langs de kade te gaan liggen om te bekijken hoe een en ander in zijn werk ging. Achteraf niet zo'n goed idee, want ik kwam er niet meer tussen. Schippers van skûtsjes en 'diepfries' schippers van ons varend erfgoed in het algemeen hebben namelijk niet zoveel geduld met beginnelingen, zeker niet tijdens wedstrijden. De hele karavaan trok aan ons voorbij en ik moet gewoon bekennen dat ik niet los durfde gooien. Nog maar een schutting wachten, en nog maar een. Totdat ik schoon genoeg begon te krijgen van mezelf en al mijn moed bij elkaar raapte. In de propvolle sluis bood ik mijn achterlandvast aan een jonge kerel op een tjalk aan. Die keek me niet erg begripvol aan en vroeg: 'Wat mot ik daarmee?' Ik begreep acheraf dat deze jongens niet gewend zijn je lijntje aan te nemen... dat zoek je zelf maar uit. Enfin, aan de andere kant van de sluis lag voor het eerst die week een gereserveerde box op ons te wachten en die bereikte ik zonder verdere kleerscheuren.

In de jaren daarna heb ik die haren die toen op mijn tanden groeiden maar niet meer afgeschoren. Je beurt niet voorbij laten gaan bij de sluis van Workum, waar wachtsteigers en steigers waaraan overnacht wordt een en dezelfde zijn... verwarring alom. Een stremming van vier uur bij Kornwerd midden juli, waardoor de jachten aan weerskanten van de rechtersluis rij na rij vijfdik gestapeld lagen en je raadt het al... ik lag niet aan de buitenkant. En dan je plekje opeisen. Gewoon vriendelijk blijven, duidelijk laten zien wat je van plan bent en doorzetten. Behalve als je bijna overvaren wordt door een 42 voeter die op grond van zijn grootte vindt dat ie toch echt voorrang heeft. Dan wijkt deze kleine toch maar weer voor groot. Maar dat haar op mijn tanden komt me nog steeds goed van pas. 

 

Gelezen: 88 keer
Meer in deze categorie: « De Sticker (door Jeroen van der Zee)